Beierijreis naar Steyl, zondag 26 mei 2024

Onder een wonderlijk stralende zon belandde een mooie groep van 34 beierijleden met de autocar in Steyl te Nederland. Dit dankzij de organisatie van Stijn Debecker, welke op het idee voor de uitstap kwam door de recente afbraak begin 2023 van het gebouw aan de Waversesteenweg dat gekend stond als de ‘Boekhandel van het Missiehuis’. Het Missiehuis kwam tot stand toen in 1938 de Missionarissen van Steyl de goederen kochten van wat vandaag het Sint-Martinuscollege is.

Het kloosterdorp van Steyl zelf ontstond vanaf 1875, nadat door het anti-kerkelijke beleid van Bismarck, talrijke Duitse ordes en congregaties over de Duitse grens naar Nederland werden verjaagd. Van daaruit zonden deze Duitse ordes honderden missionarissen en missiezusters uit naar vooral Afrika, China en Zuid-Amerika. Nu zijn er nog een tienduizendtal broeders verspreid over de wereld.

Aan de horizon, de torens van de dubbelkerk van Steyl. Foto: D. Timmermans

Ter plaatse aangekomen, splitste de groep beierijleden zich in twee, waarna de ene helft onder deskundige leiding het Missiemuseum van de paters bezocht en de andere de dubbelkerk van Sint-Michaël en de kloostertuin. Om in de namiddag, na een heerlijk buffet, om te wisselen.

Sinds de oprichting van het rooms-katholieke ‘Gezelschap van het Goddelijke Woord’, zijnde de Missionarissen van Steyl, stuurden deze vanuit de hele wereld waar ze hun functies uitoefenden, talloze voorwerpen en curiosa naar Nederland. Gebruiksvoorwerpen, kledingstukken, wapens van lokale bevolkingsgroepen en vele kunstvoorwerpen uit alle continenten werden zo verzameld en vanaf 1931 in het Missiemuseum tentoongesteld. Doel was vooral om in de thuishaven de Nederlanders te informeren over de missies en hun goede werken. Over de herkomst van de voorwerpen – gekregen of geplunderd – woedt ook een zeker debat in Nederland, maar zeker is dat de lokale bevolking in deze koloniale tijden niet vrij en mondig kon zijn ter bescherming van hun eigen cultuur en patrimonium. Het museum zelf engageert zich tot het uitvoeren van een herkomstonderzoek, aansluitend bij projecten van universiteiten en grotere musea.

Een opgezette ‘Karbouw’ of gedomesticeerde waterbuffel in het Missiemuseum. Foto: Djamila Timmermans.

Er is ook een uitgebreide collectie insecten te zien, met vooral opmerkelijke vlinders, naast kevers, reusachtige spinnen e.a. Daarnaast bezochten we de ruimte voor de zoölogische verzameling met ruim 1500 opgezette gewervelde dieren, indertijd allemaal gesneuveld voor het educatieve en wetenschappelijke belang. Sommigen hiervan zijn volgens de Rode Lijst van het IUCN nu bedreigd of kwetsbaar (zoals de Chinese glansfazant) of velen nemen in aantal af. Foto’s, films en reizen waren uiteraard weinig toegankelijk indertijd, zodat het voor groepen schoolkinderen vorige decennia een leerrijke uitstap werd het museum te bezoeken.

Een deel van onze groep op bezoek naar de dubbelkerk en de kloostertuinen.

Langs de oevers van de Maas kwam een dubbele kerk – een kerk bovenop een kerk – louter omdat er niet voldoende plaats was om twee afzonderlijke kerken te bouwen. De broeders die heuse vakmannen waren, vervaardigden zelf de glasramen, het beeldhouwwerk en houtsnijwerk. In een deel van de kloostertuin kweekte men groenten en fruit, het aanpalende deel was voorbehouden voor devotie. ‘Het klooster had goede contacten met baksteenfabrikanten uit de omgeving en deze schonken (beschadigde) bakstenen en ander materiaal waarmee kinderen uit het dorp bovengrondse grotten bouwden’ (1).

Achteraan bevond zich de drukkerij waar tijdschriften, pamfletten en propagandaboekjes werden gedrukt. Hiervan gingen miljoenen exemplaren de deur uit; samen met de micellen en catecheseboeken een belangrijke bron van inkomsten voor de paters van Steyl, naast de giften en van de zusters, de meegebrachte bruidsschat.

Heerlijk buffet in ’t Vaerhóes.

Op het einde van de dag kon iedereen nog een kleine wandeling maken, even de oevers van de Maas verkennen, en dit tussen een plensbui, stralende zon en – op weg naar het thuisdorp – een regenboog door.

(1) Zie ook het artikel ‘Reisverslag de Beierij reist in ‘Steyl’’ van Stijn Debecker, in de Kelle Beiersblad, juni 2024.

Thuis in Overijse, Erfgoeddag, zondag 21 april 2024

De Heemkundige kring De Beierij van IJse v.z.w. viert in 2024 zijn gouden jubileum. Vijftig jaar al zet de kring zich in om het verleden van Overijse in kaart te brengen, het erfgoed van ons dorp te beschermen en talloze enthousiastelingen te verenigen rond zeer uiteenlopende thema’s over het reilen en zeilen in het dorp doorheen de eeuwen.

Dé gelegenheid dus om de kring en zijn activiteiten extra in de kijker te zetten. Dit doen we ondermeer door deelname aan de Erfgoeddag op 21 april. Het thema dit jaar is ‘Thuis’, een zeer breed onderwerp waar uiteenlopende invullingen voor mogelijk zijn. Voor de ene kan het gaan over herinneringen die het gevoel geven dat een bepaalde plek je thuis is, voor de andere een zoektocht naar je familiegeschiedenis die verklaart hoe je huidige woonplaats je thuis geworden is. Nog anderen kunnen denken aan vertrouwde monumenten, oude voorwerpen, traditionele liedjes of lokale kunstenaars zo eigen aan je thuishaven. Steeds weer blijkt erfgoed hierin een grote rol te spelen.

De Beierij koos ervoor om ons dorp, Overijse, onze ‘thuis’, doorheen de eeuwen in de kijker te zetten. We nemen u mee op tocht door het Isca uit de oudheid en de middeleeuwen toen het een thuis was voor ridders te paard die in een statige waterburcht leefden. De tentoonstelling brengt u ook naar het woelige Overyssche uit vorige eeuwen waar thuis zijn te vaak betekende in oorlog leven, je thuis verliezen en bang afwachten of er volgende winter nog wat te eten zou zijn. Naar een verleden waarin thuis zijn al eeuwen betekent ook gewoon naar school te kunnen gaan, of ietwat specialer, trots deel uit te maken van de schuttersgilde en je voor te bereiden op grootste schuttersfeesten. Sommigen, zoals Justus Lipsius, zagen Overijse als thuishaven waar ze hoopten tot rust te komen ver van de drukte in de stad.

We nemen u ook mee naar een feestend Overijse met een rijke traditie van processies, stoeten en plezier makende dorpelingen in hun vertrouwde ‘stameneijs’ of dorpscafés. Begin 20ste eeuw was nog veel meer dan vandaag heel het dorp een thuis waar iedereen iedereen kende en men slechts zelden zijn vallei of wijk verliet. Thuis was toen niet enkel de woning met enkele druivenserres, maar ook de pastoor, de kerk, de meesters op school, de ‘mamèrekes’, de huisdokter die je op zijn paard kwam opzoeken of de waterbron waar je de was kon gaan spoelen.

Voor tientallen generaties Overijsenaren gold de regio als een thuis die er altijd zou zijn en toch over meer dan tweeduizend jaar tijd behoorlijk veranderde. Laat u verrassen door de schitterende evolutie die Overijse doormaakte!

De tentoonstelling is te bekijken vanaf zondag 21 april 2024 tot en met vrijdag 31 mei 2024 in Dru!f en op het eerste verdiep van Den Bonten Os te Overijse. Allen welkom!

Feestelijke opening tentoonstelling ‘Overijse 1944-1945 – Moeilijke tijden, onvermoed verleden’

Zaterdag 11 september om 15 u in de Sint-Martinuskerk

De Beierij van IJse organiseert vanaf 11 september in samenwerking met de gemeente Overijse een grote tentoonstelling ter gelegenheid van de herdenking van de bevrijding na WO II meer dan 75 jaar geleden. Deze tentoonstelling brengt aan de hand van foto’s, filmmateriaal en talloze oude documenten en objecten de bevrijdingsjaren 1944 en 1945 in Overijse in beeld. De organisatie van de weerstand, het dagelijkse leven, het krijgsgevangenenkamp P.O.W. 2228 in Terlanenveld…: het zijn slechts enkele thema’s die aan bod komen. Maar ook de evolutie van de politieke standpunten in Overijse tussen 1920 en 1940 en het begin van de oorlog met de vlucht van mei 1940 worden uitgebreid in beeld gebracht.

De feestelijke opening gaat door op zaterdag 11 september om 15 uur in de Sint-Martinuskerk. Het programma? Verteller Geert Segers brengt een aantal bijzondere getuigenissen van Overijsenaren die de oorlog in Overijse van dichtbij meemaakten. Dit, geïllustreerd met nooit eerder getoonde foto’s op grootscherm. Het saxofoonkwartet Anemos zorgt voor de muzikale omkadering van het gebeuren.

Na de voorstelling volgt een bezoek aan AC De Vuurmolen waar de tentoonstelling is opgesteld. Het gemeentebestuur biedt de aanwezigen een glaasje aan in de tent die voor de Vuurmolen opgesteld staat.

Reserveren is vereist via C.C. Den Blank aan 5 euro per ticket: hetzij via de website www.denblank.be of telefonisch via 02/687.59.59. Er zijn 100 gratis tickets voor Beierijleden voorzien (maximum twee gratis tickets per lid). Deze gratis tickets zijn telefonisch via Den Blank te reserveren, of verkrijgbaar aan de balie. De tentoonstelling bezoeken, kan vanaf 11 september tot en met 14 oktober 2021.

Wij hopen jullie allemaal te mogen ontmoeten op dit openingsevenement!

Vanwege het bestuur van de Beierij van IJse

Nieuw! Het boek ‘Isca, een dorp uit de ijzertijd’

Overijse, in 832 n.C. voor het eerst in een akte vermeld als Isca, was al een volwaardig dorp in de oudheid meer dan tweeduizend jaar geleden. In dit nieuwe boek wordt Overijse als eerste dorp uit het oude Gallië volledig in kaart gebracht, dankzij de enorme rijkdom aan toponiemen verspreid over zijn territorium.

Aan dit nieuwe boek over de toponiemen in Overijse ging een hele zoektocht vooraf. Met, intussen acht jaar geleden, de eerste passen in het land van Lane, IJse en Voer en het boek ‘Keltisch Isca’. Nadien werd het onderzoek onverminderd verder gezet doorheen het gebied tussen Dender en Dijle in Vlaams- en Waals-Brabant, waarbij plaatsnamen werden vertaald aan de hand van lokale spreektalen uit het verleden. Archeologische vondsten, lokale historische informatie en landschappelijke gegevens bevestigden er telkens opnieuw de gevonden verklaringen.

De toponiemen uit Brabant, en bij uitbreiding uit heel het oude Gallië van Rijndelta tot Middellandse Zee, verbergen een uitermate fascinerende wereld uit de oudheid. Vroeg of laat zullen archeologen, historici en vooral germanisten en plaatsnaamkundigen moeten rekening houden met deze nieuwe manier van vertalen, hetgeen wel degelijk heel wat verandert voor de manier waarop naar ons eigen verleden wordt gekeken.

Toponiemen of plaatsnamen zijn relicten uit de ijzertijd (850-1ste eeuw v.C.) of zelfs de bronstijd (2200-850 v.C.), en brengen op een heel eigen manier de wereld van de Galliërs in Brabant opnieuw tot leven. Dialecten uit onder meer Wales, Bretagne en Ierland, maar ook Frankrijk en ons eigen land, laten toe hun betekenis te ontrafelen en niet de Germaanse talen, zoals tot nu toe ten onrechte gedacht en geschreven in talloze boeken en naslagwerken. In Overijse of Isca, ‘het Land van het Water’, nemen de namen ons mee langs de oudste woonkernen van het dorp, naar een ambachtszone met ijzerontginningssite, rivierhaventjes, een sacrale tempel en een grote necropool in het gehucht Tombeek. De Ketelheide, de Kouterstraat, een Blauwe Dries, het Stokkembos, de pachthoven den Busdum, ter Geyten en Terdeck, het Hophof en vele andere toponiemen brengen de diversiteit aan omwallingen en militaire strategieën rondom het oude Isca aan het licht. Veel bijkomende details werden ontdekt, de betekenis van de gehuchten ontrafeld waarbij heel het dorp uit de ijzertijd zoals nooit tevoren in detail kon in kaart gebracht worden.

Meer nog, al deze kennis over de oudheid is van onschatbare waarde om de evolutie van het landschap en de geschiedenis van het dorp van de middeleeuwen tot nu beter te begrijpen. De combinatie van informatie op topografische kaarten en de betekenis van toponiemen laat toe een heel aantal onbeantwoorde vragen op te lossen.

Waar stond de burcht van de Beren van IJssche precies en wat was juist hun Beierij? Hoe zag de omgeving van de burcht eruit en waarom kozen de Beren net die locatie uit in het dorp? Gingen de begijntjes echt op een afgelegen plek in de moerassen leven? Hoe zag het kasteel er uit van de heren van Wittem en de prinsen van Horne? Hoe evolueerden de kasteelgebouwen en het kasteeldomein van de 17de tot de 19de eeuw? Wat had de mysterieuze Motte langs de IJse te betekenen? Je vindt het allemaal terug in ‘Isca, een dorp uit de ijzertijd’.

Om niet te verdwalen, is dit boek rijk geïllustreerd met talrijke authentieke topografische kaarten en plannen van het Overijse uit de 16de tot 19de eeuw ontleend aan onder meer het Algemeen Rijksarchief van België en de ‘Bibliothèque Nationale de France’, en met foto’s, oude prentkaarten en zelf getekende plattegronden. De natuur en het landschap vormen zo een uitermate boeiend archief, waaraan archeologen, historici, antropologen, milieukundigen en iedere liefhebber van deze fascinerende wereld hun hart kunnen ophalen. En als kers op de taart: een oud verloren gewaand document van Overijse, dook onverwacht op tijdens deze boeiende zoektocht. Nieuwsgierigen zijn van harte uitgenodigd om ook dit in het boek te ontdekken!

Het boek ‘Isca, een dorp uit de ijzertijd’ is volledig in kleur gedrukt, telt 276 blz, is 29,9 x 24 cm groot en de prijs bedraagt 45 euro. Bestellen kan via iscania.boek@proximus.be of telefonisch via 02/687.72.56. Neem ook eens een kijkje op de website www.djamilatimmermans.be! Ook langs deze weg kan het boek besteld worden!

Er is tevens een kleurrijke set van drie zelf getekende plattegronden van Isca verkrijgbaar, met aanduiding en lokalisatie van tientallen toponiemen (21 x 14 cm). Deze kaarten zijn ook opgenomen in het boek, maar kunnen als handig hulpmiddel gebruikt worden om nog vlotter de weg terug te vinden tijdens het lezen van het boek. De set van drie kaarten is verkrijgbaar aan 5 euro.

Indien gewenst, kan het boek na betaling voor bestellingen in de Druivenstreek gratis door mezelf bij u thuis afgeleverd worden. Voor andere bestemmingen bedragen de verzendingskosten 8,50 euro.

Veel leesgenot!

Djamila Timmermans

 

 

1 september 2018, reis doorheen de tijd met de Beierij

Op zaterdag 1 september aanstaande gaat de Beierij op haar jaarlijkse reis. Deze voert ons naar de abdij van Ter Kameren, de middeleeuwse burcht van Beersel en het kasteel van Gaasbeek.

De historische band tussen de abdij van Ter Kameren en Overijse gaat terug naar de dertiende eeuw. In 1234 schonk Alardus de IJska goederen uit zijn domein te Overijse aan de abdij van Ter Kameren. Het Chartarium van de abdij, bewaard in het Rijksarchief, bevat nog andere oorkonden m.b.t. schenkingen de volgende jaren. Bovendien behoorde de elfde abdis van Ter Kameren, Elisabeth van Yssche (1279), tot het geslacht van de beiers van Yssche.

Het bestuur van onze kring is bijzonder blij dat het de toestemming heeft gekregen om met jullie niet alleen de publieke ruimten, maar ook de kerk en de gebouwen van de abdij te mogen bezoeken, waar o.a. een glasraam en het wapenschild herinneren aan deze abdis.

Het kasteel van Beersel is de burcht van de heren van Wittem. De Wittems, allen nakomelingen van hertog Jan II van Brabant, verwierven vanaf de 14de eeuw talrijke goederen in Overijse. Jan I Corsselaer werd heer van Wittem en IJse en zijn zoon Jan II Corsselaer werd via zijn huwelijk in 1370 met Maria van Stalle, vrouw van Beersel, tevens heer van Beersel. Hun nakomelingen bleven zeven generaties lang burchtheren van Beersel. De bezittingen in IJse gingen naar de kinderen uit het eerste huwelijk van Jan II. Met de verkoop een eeuw later van de heerlijkheid Yssche door Frederik van Wittem aan zijn achterachterneef Hendrik III van Wittem werden de domeinen van IJse en Beersel opnieuw samengevoegd. Het was meteen de start van een turbulente periode voor heel de regio.

Omstreeks 1240 liet Godfried van Leuven in Gaasbeek een burcht bouwen als verdediging van het hertogdom Brabant tegen het graafschap Henegouwen. Er verbleven een aantal belangrijke families uit de geschiedenis der Nederlanden, onder andere de Hornes en de Egmonts. De bekendste was graaf Lamoraal van Egmont, die het kasteel kocht in 1565, drie jaar voor zijn dramatische terechtstelling.

Het zomernummer van Zoniën, het heemkundig tijdschrift voor IJse- en Laneland, van de Beierij van IJse (Overijse) en Het Glazen Dorp (Hoeilaart) vertelt er allemaal meer over!

Je merkt het, stof genoeg voor een gevarieerde daguitstap. Noteer daarom alvast zaterdag 1 september 2018 in je agenda. Meer gegevens (vertrekuur, menu, prijs) kan je lezen in het volgende contactblad van De Kelle, Beiersblad.

 

 

Nieuwsbrief herdenking WO II

Dit najaar plant onze kring de lancering van een elektronische nieuwsbrief rond de herdenking van WO II. Het bestuur heeft alvast heel wat boeiende ideeën om van dit gebeuren een mooi en groots publieksproject te maken met vele facetten en activiteiten. Helemaal in de lijn van de basisdoelstellingen van onze kring om onze plaatselijke geschiedenis te verzamelen, te archiveren en te ontsluiten, blikken wij reeds vooruit naar 2019 en zelfs 2020.

Uiteraard houden wij onze leden graag op de hoogte van onze plannen. Daarom dus het initiatief van de elektronische nieuwsbrief WO II. Zo willen we regelmatig berichten over wat er allemaal op stapel staat en ideeën uitwisselen. Een herdenkingsproject van deze omvang kan immers alleen slagen indien het gedragen wordt door vele medewerkers en sympathisanten. De periode van de Tweede Wereldoorlog is een ongemeen boeiend stuk geschiedenis, ook in ons dorp, dat wij samen met onze leden tot leven willen wekken.

Blijf op de hoogte van alle initiatieven: wandelingen, tentoonstellingen, publicaties en nog veel meer. Bezorg ons uw e-mailadres door het contactformulier onder dit artikel in te vullen: in het vak ‘bericht’ vult u gewoon “Inschrijving nieuwsbrief WO II” in, waarna u het bericht verzendt, dan doen wij het nodige.

Deze nieuwsbrief is voor onze leden volledig gratis !

Wist u trouwens dat onze kring ook een Facebookpagina heeft waarop regelmatig nieuwtjes, aankondigingen en foto’s verschijnen? Neem eens een kijkje op https://www.facebook.com/Beierij-van-IJse-174484495956076/ Door onze pagina te volgen, blijft u steeds op de hoogte van onze werking en steunt u onze vereniging.

 

Filip Brankaer

Privacyverklaring

Zoals u wellicht al gemerkt heeft, trad op 25 mei de Algemene Verordening inzake gegevensbescherming (GDPR) in werking in alle lidstaten van de EU.

De vzw De Beierij verzamelt en houdt volgende persoonsgegevens van haar leden bij: naam, voornaam (eventueel ook van de partner), adres (postadres en e-mail), bedrag en datum van het betaalde lidgeld.

Deze gegevens worden gedurende vijf jaar zorgvuldig door ons bijgehouden, enkel en alleen met de bedoeling onze leden te contacteren en hen onze publicaties op te sturen. De Beierij stelt uw gegevens niet ter beschikking van derden en doet geen beroep op derden om zonder uw medeweten en goedkeuring gegevens over u te verzamelen. Onze leden hebben te allen tijde het recht hun gegevens bij ons op te vragen en te laten aanpassen.

Filip Brankaer

Een boek over het begijnhof van Overijse, met zijn kapel of kerk, mulières religiosae en armenzorg, 1264-2018

Het kan velen verwonderen, maar geprangd tussen het zwembad, het cultuurcentrum den Blank en de Vuurmolen staat de oeroude begijnhofkapel van Overijse. Hier werd in 1264 (!) een begijnhof (je) gesticht, waarvan de kapel een laatste relict is. Een begijnhof ook dat weinig of niet gekend is in de geschiedschrijving. Het begijnhof als instelling in Overijse heeft eeuwenlang (1264-1650) stand gehouden en werd mettertijd ingeschakeld in de plaatselijke armenzorg (1650-1965). Een verhaal ook van eeuwenlang vallen en opstaan, oorlog en vrede.

Piet Van San, bestuurslid van de heemkundige kring de Beierij van IJse vzw, onderzocht de voorbije 11 jaren minutieus de geschiedenis van begijnen en hun begijnhof (met de kapel) in Overijse. Hij schreef hierover een toegankelijk boek dat als het 30e nummer verschijnt in de reeks van de geschiedenis van het Land tussen Lane en IJse. Het boek neemt u gepassioneerd mee doorheen de meer dan 750 jaar omvattende geschiedenis van  Overijse en haar begijnhof, kapel, religieuzen en armenzorg tussen 1264 en 2018.

Drie inleidende hoofdstukken gidsen u door het ontstaan van de begijnenbeweging in Brabant en het begijnhof van Overijse in het bijzonder. Vervolgens bekijken we eeuw na eeuw hoe het was in Overijse met het begijnhof en haar kapel om te eindigen met de beschrijving van de toestand van de begijnhofkapel begin 2018. We noteerden gedurende het historisch onderzoek ook ongeveer 1800 namen van Overijsenaren die vooral in de rekeningen van het begijnhof tussen 1509 en 1790 terug te vinden waren. Een nieuwe bron ook voor verder familieonderzoek.

Het resultaat is een mooi boek, gedrukt volgens de regels van de kunst, met een harde kaft, op formaat 24,5 x 29 cm, dat 180 + 48 pagina’s en 85 illustraties telt. Illustraties ook uit diverse musea en verzamelingen die voor het eerst ontsloten worden, of gemaakt werden in samenwerking met Fotokring Kreatief uit Overijse, maar ook met enkele tekeningen van de jonge kunstenares Silke Reyntjens uit Overijse. SD WORX, de gemeente Overijse en KBC maakten deze publicatie mee mogelijk.

Voorinschrijven op het boek kan tot einde mei 2018 en door storting van:

30 euro op ‘Begijnhof Overijse’ met rekeningnummer BE70 7340 4425 3025. Het boek komt na de voorinschrijving in de handel voor 35 euro. Bij voorinschrijven ontvangt U in het najaar een uitnodiging voor de feestelijke presentatie van het boek.

Omwille van de nieuwe privacywetgeving wordt geen lijst met de voorintekenaars opgenomen. De verzending binnen de Druivensteek is gratis. Voor verzending erbuiten dient u 10 euro toe te voegen. Of u kan het boek, elke eerste zaterdag van de maand tussen 9 en 12 uur ophalen op de Beierijzolder in de ‘Bonte Os’, op het Justusplein in Overijse (vanaf het najaar).

Door Piet Van San

In Memoriam Ivo De Boeck

Op 24 januari 2018 overleed na een ongeval in Tenerife (Spanje) Ivo De Boeck, bestuurslid van de Beierij. In een overvolle Sint-Martinuskerk in Overijse centrum werd op zaterdag 3 februari afscheid genomen van Ivo. Namens de Beierij nam Piet Van San het woord. Hierna de integrale tekst van zijn hommage.

 

Beste ouders van Ivo, dag Isabelle, Eline en Mimi, dag Kim,

Beste familie, vrienden, kennissen en aanwezigen vandaag in de Sint-Martinuskerk van Overijse,

 

Ook de Heemkundige Kring van Overijse, de Beierij, deelt vandaag in uw rouw want Ivo was ongeveer 15 jaar lang een van onze markantste bestuursleden. Een tochtgenoot, een kameraad van vele jaren.

Wij bieden langs deze weg ons diep medeleven aan bij dit grote verdriet dat het overlijden van Ivo is.

Wanneer we begin deze week in de bestuursploeg van de Beierij met elkaar contact zochten om een gedragen getuigenis over Ivo op te stellen, waren we niet verrast over de volgende uitspraken: creatief, kritisch, een organisator, een gulle lach, een vlotte spreker met een grote kennis van onze lokale geschiedenis. Met andere woorden dit was Ivo in de hoofden van de bestuursleden van de Beierij.

 Zelf herinner ik me nog heel goed de organisatie van erfgoeddag 2003 hier in Overijse. Het thema was reizen. De gemeente vroeg of we erfgoeddag konden organiseren en stuurde cultuur medewerker Ivo De Boeck van ‘den Blank’ ter ondersteuning. Na een uurtje overleg werd, op initiatief van Ivo uiteraard, gekozen voor het thema ‘ De Laatste Reis’. Een heel eigenzinnig alternatief, maar netjes binnen de lijnen gekleurd. Nog een uur later had Ivo de bestuursploeg van de Beierij zo zot gekregen om de uitnodiging voor de leden van de Beierij te versturen via een fake doodsbrief. Het tekent Ivo ten voeten uit. Wijlen dr. Raymond Denayer en ikzelf vonden dit laatste er over, maar we konden er niet tegen open Ivo kreeg zijn zin. We hebben trouwens nooit een groter succes gekend voor Erfgoeddag zodat we twee weken later de wandelingen nog eens mochten overdoen om de talrijke deelnemers van de  wachtlijst te kunnen gidsen. Mooie herinneringen die voortaan toch bitter smaken, nu jij Ivo,  jouw laatste reis zoveel te vroeg aanvat.

Wanneer we deze week onze souvenirs doorzochten naar verder werk van Ivo vonden we de mooie landkaart terug die hij ontwierp voor het project ‘Tussen torens van kerken en kastelen’ maar ook de omslag van het boekje rond erfgoeddag 2006 over ‘Kleuren in Harmonie’. Prachtige eigentijdse ontwerpen die tijdloos mooi zijn.

Wanneer we in de Beierij omstreeks 2000 begonnen te zoeken naar een andere ontsluiting van onze werking, naar een verbeterde maatschappelijke inbedding, wees Ivo ons de weg. Hij leerde ons om het product heemkunde anders te verpakken en een nieuw podium te geven. Persconferenties, dag en weekbladpers, ROB of Ring TV werden voortaan steevast uitgenodigd op onze buitenactiviteiten wat crescendo leidde tot veel volk als we iets organiseerden. Ivo kende dit spel door en door en blijkbaar kon men hem niets ter zake weigeren. Na verloop van tijd werd de cultuurprijs van Overijse hervormd want de Beierij won in die jaren toch altijd. Ook voor dit causaal verband wijzen we naar onze schalkse ruiter die Ivo was.

Ivo schreef zelf ook enkele gewaardeerde jaarboeken voor de Beierij, met name het boek over Chocolade en Maleizen en het boekje over Francqui, dit naast tal van andere bijdragen. Hij gidste daarenboven ook graag en veel voor de Beierij. Twee wandelingen, door hemzelf ontworpen, gidste hij en hij alleen. Met name de Vrouwenwandeling Overijse en de Vleermuiswandeling. Hij kon trouwens gidsen als geen ander en nam zijn publiek mee met een flair waar ik eigenlijk een stukje jaloers op was.

Ivo presenteerde ook graag. Zijn masterproef voor de Beierij was zeker de openingsavond van de tentoonstelling over Wereldoorlog I in ‘den Blank’  in 2014 die hij volledig aan elkaar praatte, één van de hoogtepunten uit de Beierijwerking van de voorbije jaren.Volledigheidshalve vermelden we nog dat Ivo de Beierij vertegenwoordigde op de vergaderingen van Regionaal Landschap Dijleland en V.V.V. Overijse.

De laatste jaren kende Ivo privé problemen die ook zijn vrienden in de Beierij niet zijn ontgaan en waarmee ook wij het soms moeilijk hadden. Hij bleef echter aan boord want hij had de voorbije jaren, zoals u kon merken, heel veel krediet opgebouwd, waarop hij kon en mocht teren van zijn vrienden in de Beierij. Vorige zomer was hij pertinent aanwezig op onze studiedag over de Tweede Wereldoorlog, waar we in 2020 mee aan de slag gaan. Ivo nam op zich onze documentatie over ‘Ontspanning in Wereldoorlog II in Overijse’ als thema te zullen uitwerken. Honderden bladzijden waarvan wij gerust waren dat hij er alweer iets mooi van zou maken. Het laatste nummer van het tijdschrift van de Beierij, Zoniën 2017 n° 4, schreef Ivo helemaal alleen vol voor Overijse. Hij schreef enthousiast over de ‘Bunkers uit Wereldoorlog II en de vleermuizen’, de kasteelmuur en het ontcijferen van oud schrift.

Het is zijn afscheid aan de Beierij geworden want in januari verontschuldigde hij zich voor de bestuursvergadering. Hij klonk enthousiast, want keek uit naar een reisje naar Tenerife.

Ik had de voorbije maanden soms het gevoel van een nieuwe doorstart door Ivo. Hij was terug van even weggeweest in ons midden. Het heeft niet mogen zijn. De Beierij is een bestuurslid kwijt. De man die ons de voorbije jaren de weg wees bij het afstoffen van onze werking en activiteiten. Onze tochtgenoot van vele jaren en een goede vriend.

Dag Ivo, vanwege de dankbare vrienden van de heemkundige kring de Beierij.

Monumentale parels in Overijse

‘As ge goeste’n èt ve te goe wandele’ met de Beierij…

… noteer dan de Marktdag van zaterdag 19 augustus 2017 in uw agenda. De Druivenfeesten, die dit jaar in het teken staan van ons sappige dialect, hebben weer heel wat te bieden. Zo zullen de 19e de straten van Overijse een gezellige drukte kennen met talrijke kraampjes, braderie, animatie en de Verenigingenmarkt.

Naar goede gewoonte zullen onze heemkundige kring, Familiekunde Overijse en de Studiekring Wereldoorlog I en II, er te vinden zijn aan een stand in de Stationsstraat. Geïnteresseerden kunnen er grasduinen in boeken over onze streekgeschiedenis en familiekunde. Ook onze recente publicaties van het ledentijdschrift Zoniën en ons nieuwsblad De Kelle worden er aangeboden.

Twee van onze heemkundigen zullen historische wandelingen gidsen doorheen het dorp. Zo stippelde Beier Erik Vanfroyenhoven voor u een mooi en boeiend traject uit langs pittoreske hoekjes en verdwenen monumenten in de Leegheid en de Dreef. Het notariskasteel, een ziekenhuis en een hoveniershuisje zullen voor even opnieuw hun plek in het landschap veroveren. De wandeling brengt u vervolgens naar een serre in de Kouterstraat, waar wordt teruggeblikt op de druiventeelt in Overijse. Met Ivo De Boeck kunt u vleermuizen ontdekken op een verborgen plek met een geschiedenis, i.s.m. Natuurpunt Druivenstreek.

Aandachtige wandelaars kunnen nadien deelnemen aan een klein kwisje, waarna een gelukkige winnaar uitgeloot wordt. Deze mag zich verheugen op een leuke Beiers-verrassing.

Vertrekpunt is de infostand van De Beierij van IJse in de Stationsstraat.

Om 14u30 start de wandeling ‘Vleermuizen in Overijse’ met Ivo De Boeck als gids, i.s.m. Natuurpunt Druivenstreek.

Om 15 uur start de wandeling ‘Monumentale parels in Overijse’ met privébezoek met Erik Vanfroyenhoven als gids.

Deelnemen kan mits betaling ter plaatse van 1 euro voor leden van de Beierij van IJse en 5 euro voor niet-leden.

 

Afspanning Sint-Martinus, Leegheid Overijse, rond 1900.

Afspanning Sint-Martinus, Leegheid Overijse, rond 1900. Archief M.T.